Columns en Archief

Troostdiagnose

01 oktober 2018
Door: Jeffrey Wijnberg

Als een relatie stuk gaat, dan is dat verdrietig. Dat wil niet zeggen dat een scheiding-der-wegen verkeerd zou zijn. Nee, dat niet. Maar hoe slecht de relatie ook is geweest, zoeken ex-partners wel iets van troost: dat ‘uit’ echt beter is dan om met de relatie door te gaan.

Veel gebruikt is de troostdiagnose: een etiket die de ex-partner in één keer wegzet als een hopeloos geval. Bij vrouwen zijn twee troostdiagnoses populair: de narcistische persoonlijkheidsstoornis en de autist. Opvallend is dat bij beide diagnoses de omgeving meteen instemmend reageert: ‘ik heb altijd al gedacht dat hij een narcist is; en nu helemaal als je bedenkt dat hij alleen maar aan zichzelf denkt en nooit iets gedaan heeft om jou tegemoet te komen’ of ‘ja, die autistische trekken heb ik vaak gezien, vooral omdat hij zich bij sociale gelegenheden altijd terugtrekt en nooit de moeite neemt om echt te luisteren’. Bij mannen is de borderline-stoornis veruit het meest gezocht: ‘ik heb zo op internet zitten struinen en weet nu wat zij heeft, vooral vanwege haar stemmingswisselingen, haar onvermogen om echt te gaan voor de relatie en haar chronische onvrede met eigenlijk alles in haar leven’. Dikwijls wordt door ex-partners bij mij op het spreekuur gevraagd of ik, als specialist, de gevonden diagnose wil goedkeuren; en meer dan eens zeg ik: ‘op basis van jouw eigen bevindingen kan ik er wel wat in zien, maar voor volledige goedkeuring zou ik je ex zelf moeten onderzoeken’. Feit is namelijk ook dat een diagnose van een (narcistische) persoonlijkheidsstoornis of van een spectrumstoornis als autisme alleen kan worden vastgesteld als uitvoerig en degelijk psychologisch onderzoek wordt verricht. Feit is ook dat alle lijstjes van mogelijke menselijke afwijkingen op internet altijd genoeg variatie bevatten dat daar elk willekeurig persoon in te herkennen valt. Daar komt bij dat andere diagnoses, zoals die van bijvoorbeeld ‘depressiviteit’ of ‘angststoornis’ niet worden gesteld. Want een partner afdanken die teveel lijdt aan het leven, zou teveel schaamte en schuldgevoel opwekken. Tegelijkertijd doet dat niets af van het gegeven dat ex-partners de behoefte hebben om, met een diagnose, hun alleen-status als een opluchting te kunnen ervaren. En als begeleidend psycholoog moet ik uiteraard ook zorgen dat door al die exen uiteindelijk kan worden gezegd: ‘ben ik even blij dat ik nu van al dat gestoorde gedoe af ben’. Overigens, als de troostdiagnose wel de spijker op zijn kop slaat, dan rest de vraag: ‘hoe gestoord is iemand om zo lang een relatie te onderhouden met een evident gestoorde partner?’ En ook die vraag is meer dan eens aan de orde in mijn praktijk.

Na een verbroken relatie is het uitdelen van een diagnose niet alleen belangrijk als troost maar ook als middel van persoonlijke verheffing: ‘die ander is niet ok, maar ik ben gelukkig wel ok’.

 


Lees ook:

Bekijk alle columns

Reacties

Er heeft nog niemand gereageerd op deze pagina.

RSS feed van de reacties op deze pagina | RSS-feed voor alle reacties

Plaats uw reactie